Oosterschelde: Nationaal Park Oosterschelde met zijn mooie planten en dieren

De Oosterschelde een zeearm in Zuid-West-Nederland kent een zeer interessant planten- en dierenleven. Tevens besteden we aandacht aan de Deltawerken, een stelsel van waterbouwkundige werken. 

Nationaal Park Oosterschelde met zijn mooie planten en dieren

Oosterschelde: Nationaal Park Oosterschelde met zijn mooie planten en dieren 

De Oosterschelde is een zeearm in Zuid-West-Nederland gelegen tussen Walcheren, Noord- en Zuid-Beveland, westelijk Noord-Brabant, Tholen en Schouwen-Duiveland. De vijf kilometer lange zeelandbrug die is gelegen bij het mooie en gezellige Zeeuwse stadje Zierikzee verbind Noord-Beveland en Schouwen-Duiveland met elkaar. Het grootste nationale park van Nederland is vooral bekend bij duikers in binnen- en buitenland om het zeer mooie onderwaterleven dat hier te bekijken valt.

Oosterschelde de getijden 

Zoals bij alle getijdenwateren kent ook de Oosterschelde twee keer per vijfentwintig uur hoog water (vloed) en laag water (eb). Het verschil tussen eb en vloed bedraagt in de Oosterschelde afhankelijk van de maanstand en de plaats zo’n twee tot drie meter. Het gebied dat bij laag water droogvalt noemt men het intergetijdengebied, deze slikken en zandplaten kennen veel bodemdieren zoals kokkels, strandgapers en zeer veel wormen.

De zeepier en de zeeduizendpoot zijn wormensoorten die hier heel veel voorkomen, in Zeeland beter bekend onder de namen leegloper en zager. Deze bodemdieren dienen als voedsel voor een groot aantal verschillende andere diersoorten. In kleine poeltjes die bij laag water achterblijven kan ook de wandelaar genieten van heel wat onderwaterleven.

Nationaal Park Oosterschelde de flora en fauna 

Het Nationaal Park Oosterschelde kent een zeer rijk onderwaterleven, wat voornamelijk duikers erg aantrekt. Op een geschikte dag kan men bijvoorbeeld bij de dijk tussen Wemeldinge en Kattendijke veel van onze zuiderburen aantreffen die hier al duikend volop genieten van al het moois wat de Oosterschelde biedt. Door het heldere water heeft met een goed zicht en kan men genieten van vele vissoorten zoals: schol, bot en tong, roofvissen zoal de hondshaai en de geep, inktvissoorten zoals zeekatten en zeepaardjes en exotisch lijkende vissoorten zoals de snotolf en de rode poon. Ook wandelaars kunnen vooral bij laag water veel moois te zien krijgen zoals snel wegschietende garnaaltjes, een mooi gekleurde zeester en een vis die dicht langs de glooiing voorbij glijdt. Bij vogels is het mooi om te zien dat deze allen een verschillende snavel hebben, de vorm en de lengte van de snavel bepalen welke prooi voor deze vogelsoort het meest geschikt is. Voorbeelden hiervan zijn: de kluut heeft bijvoorbeeld een snavel die wat naar boven wipt en is voorzien van heel gevoelige tastzintuigen aan het puntje, deze soort snavel is heel geschikt om al ‘stofzuigend’ de bodem af te zoeken en zo aan zijn voedsel te komen. De Wulp heeft een lange, kromme snavel waarmee hij zeer goed zeepieren uit de bodem naar boven kan halen. Kiezelwieren zijn zeer kleine plantjes die het slik op sommige plaatsen bedekken met een bruinig laagje, bekijkt men deze plantjes onder de microscoop dan kan men genieten van de mooie structuur hiervan. Kiezelwieren kunnen dienen als voedsel voor bergeenden en diklipharders (een grote vissoort die veel voorkomt in de Oosterschelde).

Nationaal Park Oosterschelde de dijken 

Natuurlijk is de Oosterschelde omringd door dijken, om deze dijken te bekleden gebruikte men vroeger vaak zandsteen uit de Belgische plaats Vilvoorde. Tegenwoordig maakt men meer gebruik van beton, basalt en gietasfalt om de dijken te bekleden. Ook op de dijken ongeacht de bekleding komt men een rijk planten- en dierenleven tegen. De voet van de dijk wordt door mossels en oesters gebruikt om zich aan vast te hechten. Mossels en oesters dienen weer als voedsel voor bijvoorbeeld meeuwen en scholeksters. De meeuwen gooien de Japanse oesters van grote hoogte naar beneden zodat deze kapot gaat, de Japanse oester heeft een zeer sterke sluitspier en is op een andere manier niet te openen door de vogel. Mossels dienen als voedsel voor onder andere scholeksters. Steenlopertjes eten voedselresten die de andere vogelsoorten hebben achtergelaten en vullen dit aan door stenen om te draaien en alle kleine soorten die daar onder leven op te pikken. Een onbekende diersoort die men op de steenglooiing tegen kan komen zijn bijvoorbeeld zakpijpen. Bij de planten komt de zeeanemoon hier in verschillende soorten voor.

Oosterschelde zeehonden en bruinvissen in Nederland 

Tegenwoordig kunnen we in de Oosterschelde ook weer zeehonden en bruinvissen tegen komen in tegenstelling tot in de laatste helft van de vorige eeuw toen de dieren hier vrijwel waren verdwenen. Factoren die aan het verdwijnen van zeehonden in de Oosterschelde hebben meegewerkt zijn onder andere watervervuiling, recreatie, drukke scheepvaart en vervolging. In vroeger jaren werden zeehonden beschouwd als concurrenten voor de vissers en eeuwenlang vervolgd. Vanaf het einde van de twintigste eeuw treedt gelukkig een herstel in van het aantal zeehonden dat hier voorkomt, en tegenwoordig komt naast de gewone zeehond ook de grijze zeehond hier voor. Ook de bruinvis leeft weer in het Oosterscheldewater, deze klein walvissoort komt de laatste paar jaar weer meer voor, de reden voor deze gunstige ontwikkeling is niet echt duidelijk.

Oosterschelde Zeeland de Deltawerken 

Onder de Deltawerken verstaan we een stelsel van waterbouwkundige werken in het zuidwesten van Nederland. Met als doel het land te beschermen bij stormvloed en de waterhuishouding te verbeteren. Plannen hiertoe bestonden al sinds 1937 maar aan de uitvoering werd begonnen in 1958, 5 jaar na de watersnoodramp van 1953 die duidelijk de noodzaak van de nieuwe plannen aangaf. De veranderingen bewerkstelligd door de uitgevoerde Deltawerken in het kort op een rij:

  • De totale lengte aan zeewerende dijken werd met 700 kilometer verkort.
  • Een extra voorziening van zoetwater, waar voornamelijk in een droge zomer gebrek aan was.
  • Verbetering van de waterkwaliteit.
  • De bereikbaarheid van het eilandengebied verbeterd sterk.
  • Verbetering van de binnenscheepvaartverbindingen.

Veranderingen op het gebied van milieu en recreatie, door het toenemen van recreatiescheepvaart en door uitschakeling van de getijdenbeweging verliest de natuur aan waarde en wordt meer weggedrongen. Wel ontstaan door veranderende stromen nieuwe zandplaten de zogenaamde Voordelta.

Gereedkomen van de Deltawerken 

Van ieder deltawerk het jaar van gereedkomen:

  • 1958 Beweegbare stormvloedkering in Hollandse IJssel bij Krimpen.
  • 1960 Gereedkomen van de Zandkreekdam met scheepvaartsluis.
  • 1961 Veerse-Gatdam gerealiseerd.
  • 1965 Gereedkomen van de Grevelingendam met scheepvaartsluis.
  • 1970 Gereedkomen van de Volkerakdam met scheepvaart- en inlaatsluizen.
  • 1971 Gereedkomen van de Haringvlietdam met uitwateringssluizen en scheepvaartsluizen.
  • 1972 Gereedkomen van de Brouwersdam met doorlaatsluis.
  • 1985 Gereedkomen van de Grevelingendam met doorlaatsluis.
  • 1986 Gereedkomen van de Oosterscheldepijlerdam met stormvloedkering.
  • 1987 Gereedkomen van de Philipsdam met scheepvaartsluizen.
  • 1987 Gereedkomen van de Oesterdam met scheepvaartsluizen.
  • 1987 Gereedkomen van de lozingsluis Zoommeer.

Bron : http://vakantie2014.com/oosterschelde/

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: